Uit internationaal onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de CEO’s twijfelt of hun collega-bestuurders voldoende kennis hebben van AI. Veel C-level managers vertrouwen op externe experts of consultants, maar missen de basis om kritisch mee te denken. Hierdoor ontstaan risico’s:
-
Investeringen in AI worden gedaan zonder strategische onderbouwing
-
Projecten stranden omdat de aansluiting met de bedrijfsdoelstellingen ontbreekt
-
AI-initiatieven worden gemeden uit angst voor reputatieschade of juridische gevolgen
Organisaties die AI wel strategisch omarmen, doen dit vaak dankzij een CEO of CFO die zich actief verdiept in de materie. Ze stellen de juiste vragen, dagen hun teams uit en bouwen interne kennis op. Dat blijkt doorslaggevend voor succes.
Kennisontwikkeling moet prioriteit krijgen
besluitvorming vraagt om technologische geletterdheid
De vraag is niet of AI een rol speelt in de besluitvorming, maar in welke mate. Voor bedrijven betekent dit dat bestuurders een basiskennis van AI nodig hebben. Niet om zelf te programmeren, maar om kaders te stellen, de juiste mensen aan te nemen en ethische dilemma’s te kunnen bespreken.
Hiervoor is een actieve leerhouding nodig. Denk aan:
-
In-company trainingen over AI-concepten en risico’s
-
Best-practices delen binnen sectoren en raden van bestuur
-
Actief betrekken van AI-experts bij strategische sessies
Bij APPelit merken we hoe sterk het verschil is tussen bedrijven die AI zien als ‘iets van IT’, en bedrijven waar C-level zelf het voortouw neemt. In die laatste groep ontstaat vaak meer focus, snellere besluitvorming en minder verspilling.