Neem als denkbeeldig voorbeeld een zorgapplicatie die op basis van ingevoerde notities een conceptverslag opstelt. De gewenste werking kan zijn dat een behandelaar het voorstel naast de oorspronkelijke notities bekijkt, wijzigingen aanbrengt en het verslag vervolgens zelf goedkeurt. Een zichtbaar onderscheid tussen concept en definitief helpt om die stappen herkenbaar te houden.
Het ontwerp moet ook rekening houden met uitzonderingen. Wat gebeurt er als een notitie onvolledig is of twee notities elkaar tegenspreken? Een mogelijke functionele eis is dat de toepassing zulke situaties ter beoordeling voorlegt. Welke controles nodig zijn en wanneer een verslag bruikbaar is, moet de opdrachtgever inhoudelijk vastleggen en laten toetsen.
Ook gelijktijdig gebruik verdient aandacht. Stel dat een collega de onderliggende notities wijzigt terwijl het concept wordt opgesteld. De applicatie kan dan tonen dat de broninformatie inmiddels is aangepast en om een nieuwe controle vragen. Zo wordt een inhoudelijke afspraak vertaald naar concreet softwaregedrag.
Deze uitwerking gaat verder dan de knop waarmee een verslag wordt gegenereerd. Ook de schermindeling, statussen, foutmeldingen en koppeling met het dossier horen bij de functie die de zorgprofessional uiteindelijk gebruikt.
Gegevens en tijdswinst
Bepaal wat u wilt kunnen volgen.
Bij de keuze voor een AI-toepassing horen ook afspraken over leveranciers en gegevens. De zorgorganisatie moet kunnen bepalen welke informatie beschikbaar wordt gesteld en onder welke voorwaarden. Daarnaast is een concreet doel nodig om het resultaat te beoordelen, zoals minder tijd besteden aan verslaglegging met behoud van de vereiste kwaliteit.
Voor de technische opdracht kunnen die keuzes worden uitgewerkt in eisen aan gegevensverwerking. Welke informatie wordt naar een AI-dienst verstuurd? Wat wordt waar bewaard? Wie heeft toegang? En hoe worden gegevens verwijderd? Leg daarbij ook vast welke mogelijkheden de gekozen leverancier daadwerkelijk biedt en welke onderdelen in de eigen applicatie moeten worden gebouwd.
Bij het conceptverslag kan de organisatie bijvoorbeeld bepalen dat alleen geselecteerde notities worden verwerkt. De software moet die selectie dan consequent toepassen. Ook kan worden vastgelegd welke verwerkingsstappen geregistreerd worden, zodat geautoriseerde medewerkers de werking kunnen nagaan.
Om eventuele tijdswinst te beoordelen, kan een praktijktest de volledige verslaglegging vergelijken: voorbereiding, genereren, lezen, corrigeren en definitief opslaan. Een snelle concepttekst levert pas een bruikbare vergelijking op wanneer het controlewerk wordt meegeteld en de verslagen aan dezelfde inhoudelijke eisen voldoen.
Betrek daarbij ook situaties waarin het voorstel wordt afgewezen en het verslag alsnog handmatig wordt geschreven. Zo beoordeelt de organisatie het resultaat op basis van het gehele gebruik, inclusief uitzonderingen.